De eenzijdige, etnische ontwikkeling van Suriname 2/2

Westelijk Suriname versus de rest

Santokhi stelde meteen na zijn aantreden als president, onder zijn persoonlijk beheer, een zogenoemd eenheidsfonds in, dat niets minder is dan een geldpot om brandhaarden van verzet en onrust in het land te neutraliseren met eenmalige fooien. Uit deze pot worden allerlei aalmoezen verstrekt in gebieden waar verzet de kop opsteekt.  Hij wist immers dat hij zijn verborgen agenda niet zonder slag of stoot erdoorheen zou krijgen.

Brunswijk en de binnenlandbewoners wordt een heleboel beloofd, zoals dat een vaste veerverbinding komt tussen Albina en Frans-Guyana.  Dit is iets anders dan een vaste brugverbinding met Guyana. Daarnaast beloofde Santokhi dat Atjoni de tweede grote stad van Suriname gaat worden.

Derhalve zijn Commewijne en Nickerie, schijnbaar, dat predicaat kwijtgeraakt. Dat is uiteraard klinkklare onzin. Santokhi heeft in alle opzichten veel geleerd van Bouterse en doet nu hetzelfde met de Marrons. Tenslotte had Bouterse de Marrons ook een treinverbinding.  Paramaribo- Binnenland beloofd omdat ze zijn uitgegroeid tot een politieke factor van betekenis; een bevolkingsgroep met een wippositie.

De beloften van Santokhi aan de Marrons hebben betrekking op het oostelijk deel van het land, waar de meeste Marrons wonen. De werkelijkheid is, dat de VHP van Santokhi helemaal niet geïnteresseerd is in de ontwikkeling van Oost Suriname, tenzij het gaat om het brengen van de goudwinning onder controle van de regering en hiermee de zelfontplooiing van kleine goudzoekers te beknotten. De beloften gelden als bliksemafleider voor wat de VHP voor ogen heeft met het westelijk deel van Suriname.

Santokhi en zijn informele regering zijn uitsluitend geïnteresseerd in de etnische ontwikkeling van West Suriname en daartussenin geklemd zit Coronie, dat volledig zal worden ingekapseld in de plannen van de VHP, waardoor zij niet langer eigenstandig zal zijn.

Reeds voor de onafhankelijkheid in 1975 kwam uit VHP-kringen de behoefte naar voren Suriname op te splitsen in een westelijk deel gedomineerd door mensen die lijken op Santokhi en een oostelijk deel voor de rest.

Terwijl het land geen geld heeft stelt Santokhi in de West van 5 oktober2020 BRUG TUSSEN SURINAME-GUYANA: ‘BRUG GEEN PRIORITEIT IN URGENTIEFASE’ dat er een vaste brugverbinding komt tussen Guyana en Suriname (lees Nickerie).  Dit moet naar mijn mening worden gezien in het kader van de intensivering en versterking van de informele inter-Caraïbische samenwerking met mensen die op hem lijken.

Bestuurskundige August Boldewijn, zegt in genoemd dagblad, De West, desgevraagd het volgende: “dat het bouwen van een brug momenteel geen prioriteit is voor Suriname, zeker niet als de huidige regering nu aan wederopbouw van de economie moet werken. Ook zegt hij: “dat een brug op korte en middellange termijn bouwen, niet realistisch is”. “De president heeft zelf aangegeven, dat we nu in een urgentiefase zitten, dus hij kan nu onmogelijk praten over het bouwen van een brug waarvan de economische waarde niet bekend is. De heer Boldewijn mag dan – objectief gezien – de economische waarde niet inzien, maar Santokhi c.s. zien die wel in.

De volgende stap – na het realiseren van de brug – zou dan kunnen zijn de aanleg van een internationale zeehaven in Nickerie. Op deze wijze zou een sluipmoord gepleegd worden op Suriname als eenheidsstaat. Op enig moment zou niet meer Paramaribo het machtscentrum van Suriname zijn, maar Nickerie en gedomineerd door uitsluitend mensen die op Santokhi lijken.

Op deze wijze zou men langzaam toewerken aan een burgeroorlog.  De verkrampten binnen de VHP zullen moeten gaan inzien dat een eenzijdige etnische ontwikkeling gedoemd is te mislukken en kan uitmonden in een burgeroorlog. Uitsluitend het naar elkaar toe groeien kan het land hiervoor behoeden.

Het bouwen van deze brug past dus in het streven van Santokhi en zijn informele VHP-regering om te komen tot een nauwere financiële en economische, inter-Caraïbische samenwerking met uitsluitend mensen die op hem lijken. Zijn Guyanese echtgenote past hierin.  Ze is zowel first lady van Suriname, advocaat bij het Hof van Justitie, lid van de raad van commissarissen van Staatsolie en directeur van het presidentieel kabinet. Gedurende enige tijd was ze zelfs vicevoorzitter van een presidentiele commissie.

In diezelfde periode waarin Santokhi de bouw van de brug aankondigde, heeft hij ook m.b.t het westelijke deel van het land nog enkele zaken aan de orde gesteld die mijn overtuiging versterken.

De regering wil de districten Nickerie, Coronie en Saramacca koppelen om een agrarisch productiegebied te zijn, een waar de productie met behulp van de moderne technologie op gang wordt gebracht.

 

Wanneer deze 3 districten worden gekoppeld om één productiegebied te worden, heb je weinig fantasie nodig om te voorzien dat de volgende stap zal zijn dat voor dit gebied een overkoepelend orgaan in het leven wordt geroepen die het volledig beheer krijgt over de landbouwgronden in dit gebied, zogenaamd om die landbouwgronden adequaat te benutten. Nu zult u zeggen: maar zo komt het land toch vooruit? Maar dat is niet het doel van de informele regering. Men beoogt hiermee uitsluitend de eenzijdige etnische ontwikkeling te bewerkstelligen.

Dat betekent dan ook het einde van Coronie als zelfstandig district. Het is bekend dat de VHP sinds jaar en dag carte blanche had van de NPS om ontwikkelingen in Coronie tegen te houden die niet strookten met de belangen van de boeren van Nickerie. Er was hierbij geen oog voor de belangen van de Coroniaanse boeren.  In ruil hiervoor was de VHP, politiek, minder prominent aanwezig in het oostelijke deel van Suriname. Die ruilhandel geldt nu kennelijk t.o.v. Brunswijk. Hij is immers uitgegroeid tot een politieke factor van betekenis terwijl de NPS is gemarginaliseerd.

Ten slotte beloofde Santokhi ook nog het boedelprobleem van Coronie te zullen oplossen. Ik hoop niet dat hij een oplossing zoekt, buiten de rechthebbenden om.

 

Coronie

In de afgelopen 10 jaar hebben de NDP en Palu ook niets gedaan om de positie van de Coroniaanse boeren te versterken. Het zou mij dan ook niet verwonderen als over 10 jaar het centrum van Coronie zal zijn verworden tot een soort Volendam of een soort (leed en) vermaakscentrum met veel horeca, hoerententen en andere toeristische attracties.

Van de huidige NPS-clan in Coronie valt ook niets te verwachten. De huidige districtscommissaris (dc) van Coronie, Maikel Winter, is al lang blij dat hij dat creatieve baantje heeft.

Sinds de laatste machtswisseling, waarbij bestuurlijk opgeleide dc’s massaal werden vervangen door nitwits en ander gevogelte van twijfelachtig allooi, is de kwaliteit van het openbaar bestuur erop achteruitgegaan.

Winter heeft – bestuurlijk – tot op heden niets laten zien, anders dan het “7-even personeel” achter de vodden aan te zitten met lullige opdrachten, zoals de schoonmaak van schoolerven en het uitdelen van kerstpakketten op 25 december jl. samen met een drama Queen.

Bij de huidige overstromingen zou je crisismanagement van de dc verwachten, om het leed van de mensen te verzachten. Winter oefent zijn functie als dc van Coronie uit onder voogdij van de VHP, die weinig of niets op heeft met Coronie. Hij heeft niet de bevoegdheid zijn mond open te doen over de precaire toestand in Coronie. Hij mag dan NPS-er zijn, maar het is de VHP die zijn bewegingsruimte bepaalt.

Alleen van parlementariër Remie Tarnadi werd na de overstromingen wat vernomen in de media. Maar als bestuurder die de afgelopen 10 jaar niets voor Coronie heeft bereikt, wordt hem door tegenstanders gemakkelijk de mond gesnoerd. Dit laatste is politiek ook niet onbegrijpelijk.  Wanneer zijn partij nog steeds aan de macht zou zijn geweest, dan had ook hij minder noten op zijn zang gehad.  Dit is Coronie van de afgelopen 40 jaar.

Herwin Hooplot

 

 

 

 

 

Bladwijzer de permalink.

Reacties zijn gesloten.