De Kanaalkwestie: Rooms en Hernhutter 2/3

Koloniaal Nieuws- en Advertentieblad suriname, no 61, 73ste jaargang, d.d. 2 augustus 1921

De Kanaalkwestie: Rooms en Hernhutter 2/3

Coronie als  Asschepoester

Coronie 18 Juli 1921

‘t Spreekt haast vanzelf dat ik weer over ‘t kanaal schrijf.  Vooralsnog is ‘t onmogelijk in mijn brieven daarover te zwijgen, want we schieten niets op.  Er staan op ‘t oogenblik een paar voeten water op de modder, ten gevolge van de vele regens, en nu ziet men ’t zoo niet. ‘t Is wel jammer dat die modderploeg geen verbetering heeft gebracht. Maar dat doet niets af aan het loffelijke van de poging, ’t Was een mooie demonstratie van Pater De Kort en zijn patrronaatslui om te doen zien wat samenwerking vermag en men zou er nog iets anders uit kunnen afleiden (ofschoon dat wel niet in de bedoeling kon hebben gelegen) —dat de onwil om te werken bij het linkerhalfbataljon niet bestaat. Ook dat het aangeboden loon f 1.— niet te min was. Het werk om de modderploeg door ‘t kanaal te sleepen, zooals de bedoeling was en waarvoor ‘s namiddags om 2 uur, aan 40 man ‘ f 1.— werd aangeboden is door Pater de Kort met zijn mannen’ op ‘n voormiddag gedaan voor f -1. —  per man en ze waren voor 12 uur klaar. Dat de patronaatsmannen’ op een anderen dag ander werk aan ‘t kanaal hebben gedaan van ‘s morgens 7 tot ‘s avonds 5 uur, was niet door de Chef v/h Bouwdepartement verlangd. Ik haal dat even aan naar aanleiding van een red. aanteekening  onder mijn voorlaatsten brief en verzeker U dat ik mijn Coronianen nooit zal laten uitbuiten, door wie  ook of voor wie ook. Zij buiten mij  echter al meer dan 20 jaar uit, en schynen het als hun recht te beschouwen, mij de kastanjes uit  ‘t vuur te late halen, door maar – altijd hun zaken en zaakjes te behartigen, en in ‘t reine te brengen, waarvoor ze mij nooit rust laten.  Maar laat ik tot ‘t kanaal terug keeren. Als de zware regens ophouden, gaat het zwampwater weer heel spoedig zakken en dan hebben  we  weer geen water in ‘t kanaal en zal blyken dat die harde modder niet noemenswaardig is weggespoeld. Ook die oude sluis is heelemaal onderloopsch, omdat zich voor den mond een kuil van een 8 vt diep heeft gevormd door ’t uitstroomende water. Vandaag of morgen schuift die heele koker in dat gat.  Die modderploeg is weer opgeborgen. Van zoo’n instrument kan men alleen wat effect verwachten bijv. in een sluistrens van een plantage waar zachte modder in zit en die ‘n paar honderd meter lang is. Alsdan de sluis opengaat I spuit die trens in twee dagen ‘ schoon. Maar ons kanaal van ±3 kilometerlang gevuld met stijve modder en klei – en waar niet  gespuid kan worden – heeft aan ‘ zoon bewerking niets. Er vloeit een kolommetje water van2 voetdik heel kalmpies uit de zwamp , door ‘t kanaal naar zee. Wat kan dat nu uitschuren?

Voor eenige jaren, toen ’t kanaal veel korter was en – wat meer zegt –  maar eenige weken werd afgesloten en dus de instroomende modder geen tijd had om te verharden, werd ook wel eens ‘n modderploeg gebruikt. Maar naar mate het kanaal langer werd, was ‘t resultaat minder en toen men  de stap-af` in ‘t kanaal als regel maar niet wegnam kwam de kaaiman heelemaal niet meer voor den dag. Om zoo’n ding door ‘t kanaal te halen is water een vereischte. En als er dat nu niet is of afgedamd wordt?  Wel nu. Dan  kan men toch geen kaaiman sleepen. En dus moet ik herhalen wat ik reeds vroeger schreef dat de schandelijke verwaarloozing van ons  kanaal in de voorlaatste jaren een  toestand heeft geschapen die op zware financieele kosten zal komen,  En als men nu goed- of kwaadschiks die financieele offers aan Coronie zal brengen en daarna weer  het District als Asschepoester gaat  behandelen en niet voor behoorlijk ‘ onderhoud en bediening en bezetting zorgt, dan is ‘t over een paar jaren weer hetzelfde. De verwaarloozing is de schuld van alles, een gevolg natuurlijk van de onkunde – en onbekwaamheid enz. enz. van u,  hen die er voor te zorgen of te  laten zorgen hadden.

Coroniaan.

Naschrift Redeactie Suriname

Coroniaan geeft van het werk een andere voorstelling dan de correspondent van De Suriname. Maar zelfs als Coroniaan ‘t aan ‘t rechte eind heeft, en er maar van 7 tot 12 gewerkt moest worden, houden wij vol dat ,t aangeboden loon van  f 1 voor dit werk veel te laag was en mag niet, gelijk Coroniaan doet, van onwil tot werken gesproken worden.  En evenmin van een mooie demonstratie van de Pater en zyn patronaatslui.

Wij ontvingen nog een ingezonden stuk van een oud Coroniaan die ook betoogt dat er feitelijk niets gedaan, of liever bereikt is met de kaaiman. Waar Coroniaan hetzelfde voldoende toelicht is plaatsing van dit stuk overbodig.

Bladwijzer de permalink.

Reacties zijn gesloten.